|
|
|
|
Nieuwe bestuurder
In juni van dit jaar ben ik bij Aanzet gestart. Dat
betekende voor mij een start in een andere regio.
Tot nu toe was ik werkzaam in de Randstad. Ik was
daar onder andere algemeen directeur van een wat
grotere GGD. Deze functie is enigszins vergelijkbaar
met mijn huidige functie bij Aanzet. Een aantal
onderwerpen heb ik -al is het vanuit een andere
invalshoek- al eerder leren kennen. En ook daar heb
ik leiding mogen geven aan een groep zeer betrokken
professionals.
Het is medio november als ik dit schrijf. Het is
haast niet te geloven dat er al weer bijna een half
jaar voorbij is. Ik vind dat een goed teken. Er is
veel te doen. Dan vliegt de tijd. De eerste maanden
stonden onder andere in het teken van kennismaking,
zowel intern als extern. Ik heb gesprekken gevoerd
in alle teams van Aanzet en ook individueel. Verder
stond een aantal momenten in de agenda waar ik heb
kunnen zien op welke manier onze medewerkers met
cliënten in gesprek zijn. Mijn betrokkenheid op het
werk van Aanzet is daardoor alleen maar toegenomen.
Buiten de organisatie heb ik mij voorgesteld bij
‘onze’ wethouders en bij diverse
samenwerkingspartners. Het is goed om te constateren
dat Aanzet in een breed netwerk opereert. Zo hoort
dat ook denk ik.
Het is natuurlijk niet bij alleen introducties
gebleven. Intern hebben we inmiddels plannen gemaakt
voor de komende periode. Om voldoende
toekomstbestendig te zijn gaan we de organisatie op
enkele punten aanscherpen. Zo zullen we vanuit
integrale teams gaan werken, d.w.z. dat voortaan in
elk team al onze disciplines een plaats zullen
hebben. Deze manier van werken kent diverse
voordelen boven de huidige. Zo hebben onze
verwijzers (bijv. de huisartsen) bij een verwijzing
direct ‘toegang tot’ al onze disciplines. Dit zal de
dienstverlening zeker ten goede komen.
Bovendien ben ik (is Aanzet) volop actief in diverse
trajecten. Voor al die trajecten gelden dezelfde
trefwoorden. Die trefwoorden zijn: benoemen van een
heldere focus, zoeken naar verbindingen, zorgen dat
afspraken worden geborgd en tot slot zeker stellen
van transparantie en verantwoording. Meer dan ooit
is het mij duidelijk dat ‘wij’ binnen het werkveld
de handen ineen moeten slaan, om met minder
beschikbare middelen zoveel als mogelijk voor onze
hulpvragers tot stand te brengen. Hierbij zou ik het
voor dit moment willen laten.
Thérèse Greidanus
|
|
|